Doofheid
Doofheid bij honden kan aangeboren zijn of later ontstaan door een trauma (bijvoorbeeld verkeersongeval) of door ouderdom. Doofheid is lastiger voor de baas dan voor de hond omdat een hond in de communicatie voornamelijk zijn ogen en neus gebruikt en pas op de derde plaats zijn oren. Een dove hond kan daarom prima als hond functioneren.
Aangeboren doofheid
Doofheid kan op twee manieren getest worden: de zelftest en de medische test. De eerstgenoemde is natuurlijk de meest simpele. Zodra een hond zeven weken oud is, zijn zijn zintuigen dusdanig ontwikkeld dat hij lichamelijk en geestelijk in staat is te reageren op prikkels. Dit is ook de leeftijd waarop gedragstesten bij puppies gedaan worden (puppytest). Eén testonderdeel hiervan is de geluidsprikkel. De hond krijgt een hard geluid te horen zonder dat hij het gezien heeft. Elke reactie hierop betekent dat de hond hoort. Een hond kan immers geen gedrag veinzen en schrik al helemaal niet. Vaak is er overigens voor de fokker al veel eerder aanwijzing dat een hond doof is. Mocht dit niet het geval zijn, dan is het zelf makkelijk te testen door geluid aan te bieden en de reactie te meten. Bij twijfel kan het zijn dat de hond eenzijdig doof is.
De tweede optie is de medische test, de zogenaamde BEAR-test (Brainstem Auditory Evoked Response). Hierbij wordt de hond onder narcose gebracht waarna via naaldelektrodes de hersenactiviteit wordt gemeten na het toedienen van geluidsprikkels. Bij rassen die een verhoogde kans op doofheid hebben, worden de pups getest. Voorbeeld hiervan zijn de Dalmatische hond, Bull terriër en Australian shepherd. In Nederland wordt deze test door twee dierenartsen uitgevoerd: drs. N.A. Dijkshoorn in Zeist en M. Kappen in Eersel.
Ouderdomsdoofheid
Net als bij mensen, neemt ook bij honden het zintuiglijk vermogen af naarmate ze ouder worden. Zo ook het gehoor. Er zijn wel ontwikkelingen op het gebied van gehoorapparaten maar die zijn tot nu toe nog weinig succesvol.
Omgaan met een dove hond
Het omgaan met een dove hond is een uitdaging die je alleen aan moet gaan als je de tijd en energie kunt opbrengen om een hond te geven wat hij nodig heeft. Daarbij is ervaring met honden en kennis van gedrag en leerprocessen een voordeel.
Omdat de communicatie uitsluitend via lichaamstaal en oogcontact verloopt is het belangrijk dat de baas deze taal ook spreekt en hem ook bij de hond kan lezen. Met een dove hond is juist veel oogcontact nodig om controle over het gedrag te krijgen en te houden. Het trainen en aanleren van commando’s gaat via handgebaren. Een uitstekende manier die overigens ook voor horende honden goed werkt. Dat is dan weer handig voor als een hond later doof wordt.
Praktische tips dove hond
Een aantal praktische tips voor eigenaren van een dove hond:
- Bevestig een naamplaatje aan de halsband met daarop de melding dat de hond doof is in combinatie met een telefoonnummer.
- Laat een dove hond nooit schrikken. Dit kan (angst)agressie veroorzaken. Maak een dove hond wakker door vlakbij met de voet over de vloer te schuiven of zijn voetzolen licht aan te raken.
- Laat een dove hond alleen los lopen als hierop goed getraind is en hij volledig onder appèl staat. Als een dove hond verdwaalt of ergens in slaap valt, is hij natuurlijk niet te roepen.
- Om aandacht te vragen kan een dove hond ook getraind worden met een trilband of lichtsignalen (laserpen). Doe dit onder begeleiding van een professioneel instructeur of ervaringsdeskundige.
Meer weten over omgang, training en communicatie met een dove hond?
Bestel hier het eerste en enige Nederlandstalige boek.




0 Reacties op “Doofheid”